Opslaan in favorieten
Uitgebreid zoeken
Nederlandse versie: Gratis Adivseurs Usa version: Advisors 4 Free Version française: Conseils Gratuits Versione italiana: consigligratuiti.it Belgische versie: gratisadviseurs.be Versión española : Consejeros Gratis Deutsche Version: Gratis Beraten
U bevindt zich hier:Home » Gezondheid » Aandoeningen & Ziekten » Geestelijke Stoornissen » Autisme
Adverteren op deze site?

Direct vraag stellen?

Stel online je vraag in de rubriek Autisme en krijg online een antwoord van de specialist in Autisme

Zelf een vraag over Autisme? Klik hier.
Meer vragen over Autisme.
De huidige beheerder van de rubriek Autisme:
Naam: Charlie
Bedrijf: Geen
Reactiesnelheid: 47 uur
Waardering: 8.9 (van max. 10)
Meer informatie over Charlie vind je op de profielpagina.

Beheerder worden?

RSS over AutismeVragen over Autisme via RSS. Klik hier.
RSS over Autisme op jouw website?Vragen over Autisme op jouw website? Klik hier.
Blijf op de hoogte via e-mail over AutismeVragen over Autisme via E-mail. Klik hier.

Heeft mijn partner autostische trekken?

[Gesteld op: 01-06-2007]

Toelichting:
Mijn partner (man, 53jr) ken ik sedert twee jaar. Het valt mij op dat , ondanks hij van mij houdt, zich niet kan inleven in mijn behoeften aan attenties en kan slecht meedenken, meeleven.
Hij volgt voornamelijk zijn eigen weg en soms lijkt het of hij alleen voor zichzelf leeft. Hij heeft een baan als maatschappelijk werker en is erg goed in netwerken en -wellicht oppervlakkig- kontakten onderhouden met vele vrienden.
Kan het zijn dat hij aspekten heeft van autisme en werk dit anders uit bij zijn eigen partner dan bij mensen die iets verder van hem af staan?
Wij hebben een lat-relatie, zien elkaar elk weekend om de veertien dagen. We praten telefonisch veel over onszelf maar zelf kom ik er niet uit.....ik mis zijn betrokkenheid, zijn begrip in zaken die mijzelf aangaan. Ik voel mijzelf wel zeer betrokken bij hem en probeer mijn behoeften aan zijn empathie te onderdrukken. Dit werkt voor mijzelf niet goed. Graag uw reaktie. Wat fijn dat ik deze vraag aan u kan stellen.Hartelijk dank
Antwoord:
Er zijn veel volwassenen die pas op late leeftijd gediagnosticeerd worden als autistisch. Vaak is er bij deze mensen dan sprake van PDD-NOS of Aperger Syndroom. Om te kunnen praten over het Asperger syndroom moet de persoon aan een aantal criteria voldoen.
Er is sprake van:
1. Kwalitatieve beperkingen in de sociale interactie, zoals blijkt uit ten minste twee van de
volgende items:
- duidelijke stoornissen in het gebruik van veelvoudig non-verbaal gedrag, zoals oogcontact,
gelaatsuitdrukking, lichaamshouding en gebaren om de sociale interactie te bepalen
- er niet in slagen met leeftijdgenoten tot relaties te komen die passen bij het
ontwikkelingsniveau
- een tekort in het spontaan proberen met anderen plezier, bezigheden of prestaties te
delen (bijvoorbeeld het niet laten zien, brengen of aanwijzen van voorwerpen die van
betekenis zijn)
- afwezigheid van sociale of emotionele wederkerigheid
2. Beperkte, zich herhalende en stereotiepe patronen van gedrag, belangstelling en acitviteiten,
zoals blijkt uit ten minste één van de volgende items:
- sterke preoccupatie met één of meer stereotiepe en beperkte patronen van belangstelling
die abnormaal is in intensiteit of aandachtspunt
- duidelijk rigide vastzitten aan specifieke niet-funcionele routines of rituelen
- stereotiepe en zich herhalende motorische maniërismen (bijvoorbeeld fladderen, draaien
met hand of vingers of complexe bewegingen met het hele lichaam)
- aanhoudende preoccupatie met delen van voorwerpen
3. De stoornis veroorzaakt in significante mate beperkingen in het sociaal of beroepsmatig
functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen
4. er is geen significante algemene achterstand in taalontwikkeling, bijvoorbeeld het gebruik van
enkele woorden in het derde levensjaar, communicatieve zinnen in het vierde levensjaar
5. Er is geen significatnie achterstand in de cognitieve ontwikkeling of in de ontwikkeling van bij
de leeftijd passende vaardigheden om zichzelf te helpen, gedragsmatig aanpassen (anders
dan binnen sociale interactie) en nieuwsgierigheid over omgeving.
6. Er is niet voldaan aan de criteria van een andere specifieke pervasieve ontwikkelingsstoornis
of schizofrenie.

OP http://home.iae.nl/users/jhjess/asperger/dewey.html kunt u een test doen om een eerste indruk te krijgen of er inderdaad sprake zou kunnen zijn van autisme.Mocht de uitslag hiervan positief zijn dan kunt u niet stellen dat u man autisme heeft. Een goed diagnostisch onderzoek in dan de volgende stap.

Het is inderdaad zou dat degene die het dichtst bij de persoon met autisme staan daar het meeste last van hebben. In een relatie verwacht je wederzijdse betrokkenheid en empathie. Vaak is de empatie (het inleven in de ander) iets waar mensen met autisme moeite mee hebben.

Hoe kan het diagnostisch onderzoek bij volwassenen in zijn werk gaan:

Als u vermoed dat er sprake zou kunnen zijn van een autismespectrumstoornis kunt u zich aanmelden voor een diagnostisch onderzoek zodat vastgesteld kan worden of dit vermoeden juist is. Dit kan bij een onafhankelijk bureau maar ook bij de GGZ. De diagnose ‘autismespectrumstoornis’ (een verzamelnaam voor alle vormen van autisme) kan verstrekkende gevolgen hebben voor u en uw naasten. Daarom wordt de diagnose niet zomaar gesteld. Tijdens het onderzoek kunnen verschillende stappen worden doorlopen waarbij alle stadia van de ontwikkeling aan bod zullen komen om zo een zo breed mogelijk beeld van de persoon met autisme te krijgen. Ook kunnen er een aantal tests en vragenlijsten voorgelegd worden om de eventuele diagnose autismespectrumstoornis zorgvuldig te kunnen stellen en de sterke en zwakkere kanten in kaart te brengen.
Tijdens een eerste gesprek maakt u kennis met de hulpverlener en zal er vak aan u gevraagd worden om een aantal vragenlijsten in te vullen. De verkregen informatie wordt vervolgens vaak in multidisciplinair overleg besproken. Als er sprake zou kunnen zijn van autisme volgt vaak een diagnostisch onderzoek.
Tijdens dit diagnostisch onderzoek vindt er onderzoek plaats door één of meer deskundige(n) (gedragsdeskundigen, gz-psychologen/orthopedagogen, psychiaters) die vaststellen of sprake is van een autismespectrumstoornis. Het kan ook zijn dat na de verkregen informatie andere stoornissen dan een autismespectrumstoornis vermoed worden. In dat geval wordt – vaak in overleg met uw verwijzer - doorverwijzen naar een andere zorgverlener of instantie.

Het diagnostisch onderzoek kan de volgende onderdelen bevatten:
Ontwikkelingsanamnese
De onderzoeker stelt, indien dit mogelijk is, aan mensen die u van jongs af aan gekend
hebben allerlei vragen over uw gedrag als kind. In een aantal gevallen worden ook
vragenlijsten voorgelegd.
Individuele gesprekken en tests
De onderzoeker bekijkt hoe u met bepaalde opdrachten en testjes omgaat. U krijgt
bijvoorbeeld de opdracht om een plaat te bekijken en er iets over te vertellen of een
tekening te maken. De onderzoeker voert gesprekken met u over dagelijkse dingen en de
problemen waar u tegenaan loopt.
Heteroanamnese bij partner of goede bekende
Hier worden vragen gesteld over uw huidige functioneren.
Psychiatrisch onderzoek
Aan de hand van één (of meerdere) gesprek(ken) met u en soms met uw familie wordt
geprobeerd een beeld te krijgen van de problemen die u ervaart. Psychiatrisch onderzoek
kan nodig zijn als het team van deskundigen de problematiek van u complex vindt, als er
medische factoren in het spel zijn, of als u baat zou kunnen hebben bij medicatie.

In principe weet het team van deskundigen na deze onderzoeken voldoende om vast te kunnen stellen of er sprake is van een autismespectrumstoornis.

Soms is er meer informatie nodig. Zoals:
Eén of meerdere aanvullende onderzoeken naar mogelijke bijkomende problematiek
Dit onderzoek is in feite een verlengd onderzoek. Hierin wordt specifiek gekeken of er
bijkomende problematiek is.
Intelligentieonderzoek/niveaubepaling
Het afnemen van een intelligentietest heeft als doel om het intelligentieniveau te bepalen dat
u op dit moment heeft. Een intelligentietest kan nodig zijn als onduidelijk is wat het verband is
tussen de intelligentie en de problemen waar u tegenaan loopt.
Gezinsonderzoek
Voor dit onderzoek bezoekt u met uw partner/ouders/andere familieleden een
systeemtherapeut. Tijdens een gesprek met u allen probeert de systeemtherapeut inzicht te
krijgen in de wijze waarop u met elkaar omgaat en in de dagelijkse gang van zaken binnen
uw gezin.

Uitslaggesprek
Als het diagnostisch onderzoek is afgerond volgen er één (of meerdere) uitslaggesprek(ken). Tijdens deze gesprekken bespreekt de psycholoog/orthopedagoog met u de bevindingen van het onderzoek. Als blijkt dat er sprake is van een autismespectrumstoornis, dan wordt met u doorgenomen welke mogelijkheden er zijn voor behandeling of verder onderzoek.

Ik hoop u hiermee een beetje ingelicht te hebben over de wijze waarop vastgesteld wordt of er sprake is van autisme waardoor u met u partner in gesprek zou kunnen gaan over een eventuele diagnose.

vriendelijke groeten
M. van Nuland
Beantwoord door:
Gratis Adviseurs
www.gratisadviseurs.nl

Subrubrieken binnen de rubriek Autisme:
Syndroom Van Asperger


Gerelateerde vragen aan Heeft mijn partner autostische trekken?:

Gaan we het redden ondanks bindingsangst?
      [Gesteld in Psychologie]
2011-03-04 19:37:54
Heb ik bindingsangst?
      [Gesteld in Psychologie]
2011-03-28 17:27:51
mijn vriend heeft adhd .i
      [Gesteld in Psychologie]
2011-05-02 14:28:05
Bindingsangst of niet?
      [Gesteld in Psychologie]
2011-05-02 18:43:55
bindingangst of niet?
      [Gesteld in Psychologie]
2011-06-21 14:32:29

Gemiddelde score Autisme: 8.9 (13x gestemd)

Wat voor cijfer geeft u dit antwoord?

 
10

 
Versturen via e-mail aan vrienden?
 
Uw Naam:
Uw Email:
Naam bekende:
Email bekende:
+ meer vrienden invoeren
 
Message:
Check:
 



Disclaimer | Sitemap | Archief | Links | 100 laatste vragen | Populair archief

Top 3 adviseurs

Uw banner hier?

Concept & Realisatie Webshop+