Opslaan in favorieten
Uitgebreid zoeken
Nederlandse versie: Gratis Adivseurs Usa version: Advisors 4 Free Version française: Conseils Gratuits Versione italiana: consigligratuiti.it Belgische versie: gratisadviseurs.be Versión española : Consejeros Gratis Deutsche Version: Gratis Beraten
U bevindt zich hier:Home » Gezondheid » Aandoeningen & Ziekten » Bloedziekten » Leukemie
Adverteren op deze site?

Direct vraag stellen?

Stel online je vraag in de rubriek Leukemie en krijg online een antwoord van de specialist in Leukemie

Zelf een vraag over Leukemie? Klik hier.
Meer vragen over Leukemie.
De huidige beheerder van de rubriek Leukemie:
Naam: Jack van Dijk
Bedrijf: Méderi
Reactiesnelheid: 114 uur
Waardering: 8.3 (van max. 10)
Meer informatie over Jack van Dijk vind je op de profielpagina.

Beheerder worden?

RSS over LeukemieVragen over Leukemie via RSS. Klik hier.
RSS over Leukemie op jouw website?Vragen over Leukemie op jouw website? Klik hier.
Blijf op de hoogte via e-mail over LeukemieVragen over Leukemie via E-mail. Klik hier.

Wat gebeurt er in of met je lichaam door leukemie

[Gesteld op: 27-02-2007]

Toelichting:
Er is geen toelichting voor deze vraag.
Antwoord:
Heb je wel eens goed opgelet wat er gebeurt als je in je vinger snijdt? Het doet zeer en er komt rood bloed uit. Maar na een poosje stopt het bloeden. Later vormt er zich uit dat bloed een hard korstje.
Hoe komt het dat het bloeden stopt? En waarom is bloed rood?
Als je een buisje vult met wat bloed en het een tijdje laat staan dan zie je iets heel vreemds gebeuren: eerst was de hele inhoud rood maar nu zit er onderin een donkerrode vloeistof, en er boven een gele vloeistof. Je bloed is net water waar iets in zit waardoor het een rode kleur krijgt. De rode kleur is dan onderin het buisje gezakt.
Het gele water noemen de doktoren serum. Je zal straks zien waarvoor je dit serum nodig hebt. Wil je weten wat je bloed nu rood maakt?
Als je een beetje bloed op een glaasje doet en door een microscoop bekijkt, zie je in het bloed allemaal kleine rondjes en korreltjes. Een microscoop is een heel sterk vergrootglas waardoor je hele kleine dingen heel goed kan zien. Al deze rondjes en korreltjes noemen we bloedcellen.
ER ZIJN DRIE SOORTEN BLOEDCELLEN:

Een groot deel van de bloedcellen is helder rood en deze bloedcellen zien er uit als donuts. Ze heten rode bloedcellen (erytrocyten). Van de rode bloedcellen heb je er het meest in je bloed, daarom is je bloed rood.
Een ander deel, iets grotere bloedcellen, is wit. Daarom heten deze bloedcellen ook witte bloedcellen (leukocyten). Van de witte bloedcellen zijn er een aantal soorten. Waarom je die rode en witte bloedcellen hebt, zul je zo dadelijk lezen.
Een derde groep bloedcellen lijken op korreltjes. Dit zijn de bloedplaatjes (trombocyten).
Waarom heb je nu al die verschillende cellen in je bloed nodig?
De bloed vaten of aderen waardoor je bloed stroom, zijn de straten van de stad, de bloedcellen zijn de mensen die in de straten werken. Maar voorzichtig, want alle straten zijn éénrichtingsverkeer. Je bloed stroomt altijd maar in één richting.
WAT ZIJN NU DE TAKEN VAN DE DIVERSE BLOEDCELLEN?

a. De rode bloedcellen (erytrocyten)
De rode bloedcellen zijn de sjouwers. Zij sjouwen de zuurstof (O2) door je lichaam. Je gebruikt overal in je lichaam zuurstof. De rode bloedcellen halen de zuurstof op in je longen. Daar wordt het ingeademd. Daarna brengen ze de zuurstof overal waar het nodig is. Kun je je voorstellen wat er gebeurt al je te weinig sjouwers hebt. Dan moeten de overgebleven sjouwers zo veel dragen dat ze bijna door hun benen zakken. Maar dat nog wordt er niet genoeg zuurstof rondgebracht en zonder zuurstof kunnen je spieren en botten niet goed werken.
Je lichaam kan niet werken zonder zuurstof en dan voel je je niet lekker. Als je nu je bloed onder de microscoop bekijkt, zie je te weinig rode bloedcellen. Er kunnen verschillende oorzaken zijn waarom je te weinig roden bloedcellen hebt. Ook leukemie kan de oorzaak zijn.

b. De witte bloedcellen (leukocyten)
Van de witte bloedcellen heb je verschillende soorten in je bloed. Net zoals de politie hebben de witte bloedcellen mensen in dienst; de granulocyten, dat zijn de politieagenten en twee groepen lymfocyten; de commissarissen en de controleurs.
TEN EERSTE DE GRANULOCYTEN

Dit zijn witte bloedcellen die, als je ze onder de microscoop ziet, sproeten hebben. Zij zijn de politieagenten in je bloed. Als je een ontsteking hebt aan je vinger doet dat zeer en is je vinger een beetje rood. Dat komt door die ontsteking. Ontstekingen ontstaan als inbrekers (bacteriën) van buitenaf je lichaam binnenkomen. Zij veroorzaken alleen maar narigheid. Zoals de politie gewaarschuwd wordt bij een overval, zo worden ook de granulocyten gewaarschuwd bij binnenkomende bacteriën. Alleen arresteren ze de inbrekers niet, maar eten ze op. Daarna gaan ze samen met de inbrekers dood. Maar dat is hun taak ook. Zo zorgen ze ervoor dat je vinger weer beter wordt.
TEN TWEEDE HEB JE LYMFOCYTEN

Ook de lymfocyten behoren bij de politie, zij zijn de commissarissen. Zij organiseren de aanval van de granulocyten (de politieagenten). Daarvoor gebruiken ze zelfs een soort computer waardoor de lymfocyten weten wie de inbrekers zijn.
Een andere groep lymfocyten, de controleurs, maakt “antilichamen”. Dat zijn chemische stoffen die ze aan de inbrekers vastmaken. Als de politieagenten nu inbrekers zien met zo’n stof, dan weten ze meteen dat het inbrekers zijn en zij eten ze op.
Langs de wegen staan allemaal douaneposten. Deze douaneposten noemen we lymfeklieren. De inbrekers komen via je huid je lichaam binnen. Voordat ze je bloed in kunnen komen, moeten ze langs deze douaneposten. Als nu de inbrekers bij een douanepost komen, mogen ze er natuurlijk niet in. De douane belt nu direct naar de politie en de commissarissen sturen snel een heleboel politieagenten.
Je begrijpt dat het dan heel druk wordt bij de douanepost. Het wordt zo verschrikkelijk druk, dat je lymfeklier heel dik wordt. De inbrekers worden nu via aparte straten afgevoerd. Deze aparte straten heten de lymfevaten en komen uit in de nieren en lever.

c. Bloedplaatjes (trombocyten)
Herinner je je nog wat er gebeurt als je in je vinger snijdt? Dan komt er bloed uit, dat wordt snel donkerder van kleur, het bloeden stopt en er komt een korstje op. Dit noem je stollen. Denk maar weer aan onze stad. Net zoals er in de stad straten zijn, zijn er in je lichaam bloedvaten. Als er nu een auto door de vangrail rijdt, komen de wegenbouwers, in dit geval bloedplaatjes, die het gat dichtmaken.
De wegenbouwers zijn kleverig en vormen samen met andere stoffen, de hulpjes van de wegenbouwers, een prop voor de kapotte vangrail. Nu kunnen de auto’s niet meer door de vangrail rijden.
Wanneer er te weinig bloedplaatjes zijn, duurt het bloeden langer. Als je je stoot dan krijg je een grote blauwe plek. Dit komt omdat dicht onder je huid door het stoten een heel klein bloedvaatje kapot gaat. Door verschillende Ziekten kun je te weinig bloedplaatjes hebben, waardoor je gemakkelijk bloedt. Ook bij leukemie kan dit zo zijn.

d. Hoe komen nu de bloedcellen in je bloed?
Alle bloedcellen worden in de loop van de tijd oud of raken versleten. Daarom moeten op tijd nieuwe bloedcellen gemaakt worden. Dat gebeurt in het binnenste van je botten; in je beenmerg.
In het beenmerg lijken je bloedcellen eerst allemaal op elkaar; net zoals de baby’s die er in het begin ook allemaal hetzelfde uitzien. Dan groeien de bloedcellen op en krijgen allemaal een taak. Als ze groot zijn, kun je al deze bloedcellen goed uit elkaar houden. Een sjouwer, een politieagent en een wegenbouwer lijken ook niet op elkaar.
De bloedcellen in het beenmerg groeien op en leren ieder een eigen taak. De sjouwers leren zuurstof sjouwen. De politie leert hoe ze inbrekers moeten vangen. En de wegenbouwers leren hoe ze kapotte vangrail moeten maken als ze alles in het beenmerg (school) geleerd hebben. Mogen ze in het bloed aan het werk.
Wist je dat er zoveel gebeurt in je botten? En zie je nu dat je skelet zo belangrijk is. Als je beenmerg niet goed werkt, duurt het niet lang voordat je bloed ook niet in orde is, omdat in je beenmerg je bloedcellen leren wat ze in je bloed moeten doen. En als je bloed niet in orde is, voel je je niet lekker.

2. De cellen
In het hoofdstuk over bloed hebben we vaak over bloedcellen gesproken. Niet alleen je bloed bestaat uit cellen, maar je hele lichaam. Cellen zijn de bouwstenen van je lichaam, net zoals de huizen uit de stad die uit stenen zijn opgebouwd. Ook alle dieren en planten zijn uit cellen opgebouwd.
Cellen kunnen er heel verschillend uitzien; iedere cel ziet eruit zoals zijn taak is. Cellen die hetzelfde moeten doen, blijven bij elkaar in een groep. Er zijn spiercellen, hersencellen, huidcellen enzovoort. Delen in het lichaam die uit gelijke cellen bestaan noemt men organen. Het bloed zorgt ervoor dat alle organen uit zuurstof en voedingsstoffen krijgen omdat ze anders niet goed kunnen werken. Als jij niet eet, kan je ook niet goed leren. Hoe verschillend de cellen er ook uitzien, één ding doen ze allemaal hetzelfde; ze vermeerderen zich door zich telkens in tweeën te delen.
Voor de cellen is het erg moeilijk zich te delen: ze moeten zorgen dat de twee helften er precies uitzien zoals die cel er eerst uitzag. Uit die twee cellen komen weer vier cellen en zo gaat dat steeds verder.

3. De huid
De huid bedekt je lichaam van boven tot onder, net als een hele grote overall. Je kunt alleen geen rits opendoen en eruit stappen. En dat is maar goed ook want je huid is erg belangrijk. Je kan je huid vergelijken met de grens om de stad, de grens beschermt de stad.
Ze beschermt het binnenste van je lichaam tegen vuil, ziekten en zonnestralen. Ze houdt je lichaam overal op dezelfde temperatuur, als het buiten heet is, ga je zweten en daardoor koelt je lichaam iets af. Haren en nagels horen ook bij de huid. In de huid liggen bepaalde cellen, dit zijn de zenuwcellen, die je hersenen vertellen wat je met je huid voelt.

4. De botten
Je weet al dat midden in je botten, het beenmerg, de bloedcellen gemaakt worden. Een andere taak van je botten is je rechtop te houden en je te beschermen, net zoals een muur om de stad die alle gebouwen beschermt. Je schedel beschermt je hersenen. Je ribben beschermen je longen en je hart. Daarom moeten botten van buiten heel hard zijn. Maar binnenin, het beenmerg, zijn ze zacht en zitten ze vol met gaatjes. In die gaatjes is plaats voor de bloedcellen die zich daar delen om nog meer bloedcellen te maken.

5. De spieren
Zonder spieren kun je je niet bewegen. Je hebt ook spieren nodig om te kunnen praten, om te ademen, om te slikken en om je ogen te bewegen. Ook je hart is een spier anders zou het niet kunnen werken.
Spieren hebben zuurstof (O2) en voedingsstoffen nodig om te kunnen werken. Allebei worden ze via het bloed aangevoerd. De spieren gebruiken zuurstof en daardoor ontstaat afval, dat heet koolzuur (CO2). Koolzuur wordt door de sjouwers naar de longen gebracht, de longen ademen het koolzuur uit en ademen weer zuurstof in dat de sjouwers weer meenemen naar de spieren.
De voedingsstoffen worden niet door de sjouwers vervoerd, maar in het gele water, het serum. Dit serum brengt alle andere afvalstoffen, behalve koolzuur, naar je nieren; daar worden deze afvalstoffen door het plassen naar buiten gebracht.

6. De longen
Wanneer je diep inademt zuig je lucht in je longen. De lucht gaat door je mond en de luchtpijp en wordt daar via verschillende vertakkingen die bronchiën heten, verdeeld. Het lijkt net een boom met heel veel takken.
Aan het einde van die bronchiën zitten veelkleine blaasjes (longblaasjes). Deze blaasjes zijn net ballonnetjes, je blaast ze vol en laat ze weer leeglopen. De lucht. Die je inademt zit vol zuurstof dat in die blaasjes komt. De sjouwers komen nu in je bloed voorbij en geven het afval af en zuurstof mee.
Als je neus verstopt zit en je hoest, wil de dokter weten of je een ontsteking hebt aan je bronchiën of iets anders. Hij vraagt ja dan diep te zuchten en luistert met zijn stethoscoop, een apparaatje waarmee hij naar de geluiden in je lichaam kan luisteren naar je longen. Misschien stuurt hij je ook nog naar een afdeling waar foto’s van je longen kunnen worden gemaakt, dat heet een röntgenafdeling. Op deze foto’s kun je je longen en ribben zien.

7. Hart & Kringloop
Het bloed stroomt door bloedvaten, zoals de mensen in de straten lopen. En zijn grote en kleine vaten. Soms zijn die zo dun als een haar. Daarom noemen we ze haarvaten. Je bloed stroomt niet vanzelf door je bloedvaten, maar wordt er doorheen gepompt. Als je hart slaat, pompt het je bloed door je lichaam. Wat betekent nu kringloop?
Heel gemakkelijk: door inademen halen de longen zuurstof naar binnen, dan wordt het door de rode bloedcellen vervoerd naar de spieren, hersenen en overal waar het nodig is. Wanneer de sjouwers de zuurstof afgegeven hebben, halen ze koolzuur op. Dat brengen ze weer naar de longen, waar de koolzuur naar buiten geblazen wordt, en halen daar weer zuurstof op. Hier begint het kringetje, de kringloop weer opnieuw. Je hart, dat regelmatig slaat, houdt de kringloop van je bloed op gang.
De dokter kan door de stethoscoop het slaan van je hart horen. Hij kan ook het slaan van je hart, door een apparaat, laten uittekenen. Zo’n tekening noem je een elektrocardiogram (kort gezegd: ECG). Het ECG laat zien of je hart goed en regelmatig werkt.

8. Het spijsverteringsorgaan
Je hersenen, je spieren en alle andere organen moeten voedingsstoffen hebben om te kunnen werken.
Zelf merk je dat je trek krijgt. Alles wat je eet, wordt eerst door de kiezen klein gemalen en komt daarna in je maag. Dan gaat het door je dunne darm en je dikke darm. Tijdens deze weg wordt je eten verdund. Verdunnen wil zeggen dat je maag, je lever en je buikspeekselklieren sappen in het eten stoppen zodat het eten in hele kleine stukjes verandert. Deze hele kleine stukjes eten kan het bloed uit je darmen halen, vervoeren en afgeven daar waar nodig is.
Niet alles uit het eten kan je lichaam gebruiken. Wat niet gebruikt wordt, komt als poep naar buiten als je gaat drukken.
Je moet nog iets meer weten over de lever. De lever maakt niet alleen een verdunningssap, gal genaamd, maar heeft ook nog een andere taak.
Ze verwerkt bijvoorbeeld ook nog afvalstoffen die overblijven uit voedingsstoffen die je hersenen en spieren gebruiken. Zonder de lever zouden deze afvalstoffen giftig zijn. De lever pakt ze in zodat er niets mee kan gebeuren en het bloed vervoert ze naar de nieren. Daar komt het afval met het plassen naar buiten.

9. De nieren
De nieren scheiden de hele dag een vloeistof uit, urine. Deze urine gaat via de urineleiders, twee dunne buisjes, naar de blaas en wordt daar verzameld. Dat is zeer handig, anders moest je de hele dag op de wc zitten.
Als de blaas vol is, merk je dat je moet plassen. Wanneer je dat doet dan trekt de blaas zich samen en duwt de urine naar buiten.
Als de dokter wil weten of je nieren in orde zijn, laat hij je bloed onderzoeken om te kijken hoeveel afvalstoffen erin zitten die de lever naar de nieren gestuurd heeft. Zitten er veel afvalstoffen in je bloed, dan betekent dit dat je nieren hun taak niet goed doen. De dokter kan je ook naar de röntgenafdeling sturen om een foto te laten maken van je nieren, urineleiders en blaas. Daar krijg je een speciaal drankje, waardoor de dokter na een paar minuten je nieren, urineleiders en blaas heel goed kan zien op de röntgenfoto’s.

10. Het zenuwstelsel
Alle verschillende organen die in je lichaam verdeeld zitten, net zoals de huizen in een stad, hebben een soort regering nodig om goed te kunnen samenwerken. Je hersenen zijn de regering van je lichaam. Zij verzamelen de berichten en nemen de beslissingen. Vanaf de hersenen lopen de zenuwen, die op telefoondraden lijken, via je nek naar het ruggenmerg in je rug, allemaal samen als één dikke kabel, en vanuit het ruggenmerg verspreiden ze zich over je hele lichaam. Zoals de telefoondraden over de hele stad.
Omdat je hersenen en ruggenmerg zo belangrijk zijn, worden ze erg goed beschermd; de botten van de schedel en de wervelkolom (al je ribben) vormen een harde schaal om deze organen heen. In deze schalen liggen je hersenen en ruggenmerg in een heldere vloeistof, het zenuwvocht. Dit zenuwvocht beschermt de hersenen en ruggenmerg tegen de harde botten die hier weer om heen zitten.
Wanneer alle delen in je lichaam goed samenwerken, ben je gezond. En om je prettig te voelen, moet je eerst gezond zijn.
Beantwoord door:
Gratis Adviseurs
www.gratisadviseurs.nl


Gerelateerde vragen aan Wat gebeurt er in of met je lichaam door leukemie:

ik heb reeds 7 jaar cvs !
      [Gesteld in Chronisch Vermoeidheidssyndroom]
2007-03-03 19:00:01
Hallo Ik heb hele dikke kuiten. ik denk dat het
      [Gesteld in Diëtetiek]
2008-12-31 18:59:40
Sinds een dikke week luistert Happy niet!
      [Gesteld in Hondengedrag]
2009-12-17 13:09:19
verwonding na droom
      [Gesteld in Psychiatrie]
2010-02-12 08:57:23
vraagje over psychose,,..
      [Gesteld in Psychiatrie]
2010-02-28 19:09:49

Gemiddelde score Leukemie: 0.0 (0x gestemd)

Wat voor cijfer geeft u dit antwoord?

 
10

 
Versturen via e-mail aan vrienden?
 
Uw Naam:
Uw Email:
Naam bekende:
Email bekende:
+ meer vrienden invoeren
 
Message:
Check:
 



Disclaimer | Sitemap | Archief | Links | 100 laatste vragen | Populair archief

Top 3 adviseurs

  • Ron Jedema
    9.3
  • Huib Ghijsen
    9.0
  • Anita
    9.0
  • Totalen:

    Vragen:  255924
    Beheerders:  1022

    Gemiddelden:

    Reeds beantwoord:  99 %
    Reactiesnelheid:  166 uur
    Waardering:  7.9
Uw banner hier?

Concept & Realisatie Webshop+