Opslaan in favorieten
Uitgebreid zoeken
Nederlandse versie: Gratis Adivseurs Usa version: Advisors 4 Free Version franšaise: Conseils Gratuits Versione italiana: consigligratuiti.it Belgische versie: gratisadviseurs.be Versiˇn espa˝ola : Consejeros Gratis Deutsche Version: Gratis Beraten
U bevindt zich hier:Home » Mens & Maatschappij » Recht » Europees Recht
Adverteren op deze site?

Direct vraag stellen?

Stel online je vraag in de rubriek Europees recht en krijg online een antwoord van de specialist in Europees recht

Zelf een vraag over Europees recht? Klik hier.
Meer vragen over Europees recht.
De huidige beheerder van de rubriek Europees recht:
Naam: Nic
Bedrijf: Europa correct
Reactiesnelheid: 32 uur
Waardering: 7.2 (van max. 10)
Meer informatie over Nic vind je op de profielpagina.

Beheerder worden?

RSS over Europees rechtVragen over Europees recht via RSS. Klik hier.
RSS over Europees recht op jouw website?Vragen over Europees recht op jouw website? Klik hier.
Blijf op de hoogte via e-mail over Europees rechtVragen over Europees recht via E-mail. Klik hier.

Geeft erkennen v ongeboren vrucht NL nationaliteit

[Gesteld op: 03-11-2011]

Toelichting:
Een Nederlandse man heeft al jaren een Oekrainsche vriendin, die illegaal bij hem verblijft. Hij verdient al jaren net onder de norm om een buitenlandse partner naar NL te mogen halen. Zij is nu zwanger van hem. Hij wil het kind graag erkennen. Krijgt dit kind de Nederlandse nationaliteit? En hoe zit het dan met de moeder?
Antwoord:
Let op; van elke geplaatste link wordt U wel verzocht dit te lezen, dus even copy en plakken/paste,  in Google.

----------------------------------------

Deze vraag kan niet zo maar beantwoord worden. Het kind kan erkend worden en wordt daardoor automatisch NL. Zodra het is geboren erkent U het bij de gemeente. maar ook daar moet U even over worden gehoord voordat U al die belangrijke beslissingen neemt en U dan wellicht de weg niet weet?Dit is bijna net zo een casus als de Uwe, ik zal de Advocaat wel even bellen voor U. Dat hoort U dan van mij.

http://jure.nl/bq2526



Opties voor deze uitspraak
  • > e-mail
  • Dowload PDF-versie
  • > print
  • > bewaar in MijnJure
  • > maak favoriet in browser
  • > vertaling aanvragen
  • Juridische vraag


LJN BQ2526, Rechtbank 's-Gravenhage, AWB 10/38692 (beroep) en AWB 10/38693 (voorlopige voorziening)
Datum uitspraak: 26-04-2011
Datum publicatie: 27-04-2011
Rechtsgebied: Vreemdelingen
Soort procedure: Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats: Utrecht
Zaaknummers: AWB 10/38692 (beroep) en AWB 10/38693 (voorlopige voorziening)
Inhoudsindicatie:
Van eiser en zijn gezinsleden kan niet zonder meer worden gevergd dat zij het gezinsleven buiten Nederland voortzetten. De rechtbank benadrukt in dit verband ook dat het EHRM een zwaar gewicht toekent aan de belangen van het kind (uitspraak van 18 oktober 2006 in de zaakÜner tegen Nederland (nr. 46410/99, EHRC 2006/146) en uitspraak van 23 juni 2008 (nr. 1638/03, Maslov tegen Oostenrijk («JV» 2008/267)). De rechtbank stelt vast dat verweerder in het bestreden besluit er geen blijk van heeft gegeven dat aan de belangen van de kinderen, met name het kind van departner van eiser, een zwaar gewicht is toegekend, hetgeen artikel 8 van het EVRM , zoals volgt uit voornoemde rechtspraak van het EHRM, wel vereist. Hetgeen verweerder hierover in de bestreden beschikking heeft opgemerkt acht de rechtbank onvoldoende, mede gelet op het feit dat ook onder het Unierecht - dat verweerder ambtshalve behoort toe te passen - een zwaar gewicht wordt toegekend aan de belangen van het kind (zie onder meer artikel 20 van het VWEU en artikel 24 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie ) en uit de bestreden beschikking niet blijkt dat verweerder hieraan heeft getoetst. Gelet op al deze feiten en omstandigheden, in onderlinge samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat verweerder ontoereikend heeft gemotiveerd waarom in het onderhavige geval aan het belang van de Nederlandse staat een groter gewicht dient te worden toegekend dan aan het belang van eiser om in Nederland het familie- of gezinsleven uit te oefenen.



De rechtbank is verder van oordeel dat de stelling van verweerder, dat er vanwege de uitkomsten van het onderzoek door het Ministerie van Buitenlandse Zaken (het individuele ambtsbericht) en de vals bevonden documenten terecht wordt getwijfeld aan de identiteit en nationaliteit van eiser, niet zonder meer overtuigt. Daarbij acht de rechtbank van belang dat van een geldig paspoort, dat op regelmatige wijze is afgegeven, een sterke bewijskracht uitgaat en dat zonder nadere toelichting, die ontbreekt, niet valt in te zien waarom dit paspoort ter zijde zou kunnen worden geschoven of waarom het van minder gewicht zou zijn dan het individuele ambtsbericht.

Trefwoorden: regulier, Rwanda, 8 EVRM, belangenafweging, belang van het kind.

Wetsartikelen: 8 EVRM, 3:46 Awb

Nu ook uitvoerbaar in Ndl. is er het Zambrano Arrest:

  Afdrukbare versie van dit artikel  

Op 8 maart 2011 sprak het Europees Hof van Justitie zich uit over de Belgische zaak RuizZambrano. Het arrest heeft gevolgen voor de regels gezinshereniging met Belgen. België kan geen verblijfsrecht weigeren aan derdelands (niet-EU) ouders van minderjarige Belgische kinderen. Ook moeten deze ouders in ons land kunnen werken. Het Zambrano-arrest heeft mogelijk ook gevolgen voor de wetsvoorstellen in het parlement die gezinshereniging met Belgen willen verstrengen: zij zullen nu moeten getoetst worden aan het Unierecht en de inhoud van het Zambrano-arrest.

Feiten 
Ruiz Zambrano is een Colombiaanse vader van twee Belgische kinderen. Zowel Zambrano als zijn echtgenote kregen in België geen verblijfsvergunning. Ze hadden een regularisatie-aanvraag ingediend maar de DVZ verklaarde die onontvankelijk. Ook de (oude) vestigingsaanvraag die de ouders in het kader van gezinshereniging indienden, werd geweigerd. Tegen die laatste weigering dienden de ouders beroep in (dat nog steeds hangend is), waardoor ze in het bezit waren van een bijlage 35.

Zambrano werkte jaren als werknemer bij een bedrijf in België. Zijn werkgever betaalde alle sociale zekerheidsbijdragen. Ondanks het feit dat Zambrano in het bezit was van een bijlage 35 (waardoor hij normaal gezien vrijgesteld is van arbeidsvergunning), beschouwde de sociale inspectie, die een controle had uitgevoerd, de tewerkstelling als strijdig met de arbeidskaarten reglementering. Immers, volgens het Hof van Cassatie en de FOD WASO kan een ’aanvraag tot vestiging’ van een vreemdeling met een Belgisch minderjarig kind niet gelden als een ’wettig verblijf’ van meer dan drie maanden (zie nieuwsbrief n° 219).

Ook werd Zambrano een werkloosheidsuitkering geweigerd omdat de RVA geen rekening hield met het aantal arbeidsdagen dat Zambrano gewerkt had zonder arbeidsvergunning. Daarop trok Zambrano naar de Brusselse arbeidsrechtbank, die een aantal prejudiciële vragen stelde aan het Europees Hof van Justitie.

Inhoud van het arrest Zambrano 
Het Hof van Justitie stelt in zijn arrest dat Belgen, inclusief Belgen die géén gebruik maken van het vrij personenverkeer, “burgers van de Europese Unie” zijn en in die hoedanigheid genieten van bepaalde rechten. Het Unierecht verzet zich tegen Belgische wetgeving die tot gevolg heeft dat Belgen niet kunnen genieten van de belangrijkste rechten verbonden aan hun status van burger van de Europese Unie. Het recht om op het grondgebied van de Europese Unie te verblijven is zo’n belangrijk recht (art. 20 VWEU). Dat recht wordt ontzegd aan minderjarige Belgen wanneer hun derdelands (niet-EU) ouders, van wie ze ten laste zijn, geen verblijfsrecht krijgen in België, noch de mogelijkheid krijgen om er te werken.

Volgens het Hof zal een dergelijke situatie er toe leiden dat deze minderjarige Belgische kinderen, burgers van de Unie, verplicht worden het grondgebied van de Unie te verlaten om hun ouders te volgen. En dat is een inbreuk op artikel 20 VWEU (= het recht dat Unieburgers hebben om op het grondgebied van de Unie te verblijven).

Gevolgen van het arrest inzake het recht om te werken 
Ouders van minderjarige Belgische kinderen moeten in België kunnen werken en zouden vrijgesteld moeten zijn van een arbeidsvergunning: 
- Eerder stelde het Grondwettelijk Hof al dat derdelander-ouders voor het recht op gezinshereniging als “ten laste” moeten beschouwd worden van hun minderjarig Belgisch kind wanneer de ouders over voldoende bestaansmiddelen beschikken. 
- Om voldoende bestaansmiddelen te hebben moet(en) de ouder(s) natuurlijk kunnen werken. Tot nu toe werd dat onmogelijk gemaakt door het standpunt van de FOD WASO die het arrest van het Hof van Cassatie volgde (zie nieuwsbrief n° 219). 
- Het Hof van Justitie dwingt de FOD WASO nu om zijn standpunt te herzien. De FOD zal hierover binnenkort een beslissing nemen. Omdat artikel 20 VWEU primeert op het Belgische recht, kunnen ouders van minderjarige Belgische kinderen zich er nu al op baseren.

Gevolgen van het arrest inzake het verblijfsrecht 
Ouders van minderjarige Belgische kinderen hebben een recht op verblijf in België met hun kind: 
- Een verblijfsvergunning via regularisatie zal niet voldoende zijn omdat een dergelijke beslissing jaren op zich kan laten wachten, waardoor de ouder in illegaal verblijf blijft en niet wettig kan tewerkgesteld worden. Terwijl het Hof dat precies aanklaagt in het arrestZambrano
- Dit recht op verblijf kan wellicht alleen door de procedure gezinshereniging gewaarborgd worden.

Het arrest heeft mogelijk ook ruimere gevolgen voor het debat in de Kamer om gezinshereniging met Belgen (in het algemeen) strenger te maken dan voor EU-burgers. 
- Onlangs besliste de Kamercommissie Binnenlandse Zaken met nipte meerderheid om een compromistekst daarover naar de Raad van State te zenden voor advies. 
- Het voorstel wil ondermeer extra voorwaarden en administratieve formaliteiten opwerpen voor familie van Belgen, wil in de meeste gevallen het familielid verplichten om de aanvraag vanuit het buitenland in te dienen, en wil de visumprocedure tot maximaal één jaar verlengen vooraleer het familielid naar België mag komen. Het voorstel wil Belgen, ook minderjarige Belgen, niet meer toelaten om hun ouders met zich te herenigen. 
- Dat laatste voorstel wordt nu onmogelijk gemaakt door het arrest Zambrano. Maar ook de andere beperkingen van het gezinsleven van Belgen die het voorstel wil doorvoeren, kunnen op gespannen voet staan met het Unierecht. In het algemeen kan men stellen dat, wanneer wetgeving het gezinsleven van een Belg, die tevens de status heeft van Unieburger, dermate beperkt dat het hem verplicht om het grondgebied van de Unie te verlaten (om elders zijn recht op een gezinsleven uit te oefenen), de Belgische reglementering in strijd is met het Unierecht. 
- Naast het arrest Zambrano zijn er mogelijk nog andere bezwaren tegen het Belgische wetsvoorstel (ondermeer: het grondwettelijke discriminatieverbod).

Bron: Kruispunt Migratie-Integratie





Dit zult U niet kennen, U kunt mij het beste een mail sturen? Door middel van het kind zou zij nu in NL met verblijfsstatus mogen blijven. Maar het ligt erg ingewikkeld en ik kan U alleen bijstaan als we dit even persoonlijk bespreken. U kunt mij ook bellen? Mijn gegevens vind U in mijn profiel of bij de beheerder van deze site? Zij heeft dus aangeleund recht door middel van het kind. Dat is een Arrest van het Hof van Justitie te Luxemburg. En dat hoort nu dan ook, vanaf afgelopen Maart dit jaar, door de IND uitgevoerd te worden. Maar daar zitten nog wel wat haken en ogen aan, daar ze de uitspraak gebrekkig uitvoeren!

Copy dit in Google en lees het maar door?

http://dare.ubvu.vu.nl/bitstream/1871/19830/2/Ruiz%20Zambrano_De%20interne%20 situatie%20voorbij.pdf

Dit is ook een uitspraak, maar daar is de partner uit het zicht. U zult mij willen raadplegen?
Ik geef dat advies en eventuele ondersteuning en hulp, ook gratis.


LJN BT2711, Rechtbank 's-Gravenhage, AWB 11/14125 en AWB 11/14145
Datum uitspraak: 07-09-2011
Datum publicatie: 28-09-2011
Rechtsgebied: Vreemdelingen
Soort procedure: Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats: Amsterdam
Zaaknummers: AWB 11/14125 en AWB 11/14145
Inhoudsindicatie:
Dat de overwegingen van het Hof in het arrest Zambrano niet van toepassing zouden zijn in zaken waarbij gezinsleden niet op exact dezelfde wijze als de kinderen Zambrano de nationaliteit van een lidstaat hebben verkregen, zoals verweerder in het bestreden besluit betoogt, is op geen enkele manier terug te vinden in het arrest zelf. De rechtbank volgt dit betoog van verweerder dan ook niet.
Verweerder heeft ter zitting gesteld dat eiseres ook geen geslaagd beroep kan doen ophet arrest Zambrano omdat de achterliggende feiten en omstandigheden in deze zaak niet identiek zijn aan die van het arrest Zambrano. De rechtbank volgt dit betoog van verweerder evenmin. Deze interpretatie van verweerder van het arrest Zambrano is niet terug te voeren op de overwegingen van het arrest zelf.
Voor de uitleg van het begrip‘te zijnen laste’ verwijst de rechtbank allereerst naar vaste rechtspraak van het Hof (onder meer het arrest van 18 januari 1984, 327/82, Ekro (punt 11), Jur. 1984, 00107 www.eur-lex.europa.eu) op basis waarvan het, met het oog op de eenvormige toepassing van het gemeenschapsrecht en het beginsel van gelijke behandeling, als algemene regel noodzakelijk is dat de termen van een gemeenschapsrechtelijke bepaling die voor de vaststelling van haar betekenis en draagwijdte niet uitdrukkelijk naar het recht van de lidstaten verwijst, in de gehele Gemeenschap autonoom en op eenvormige wijze worden uitgelegd, waarbij rekening moet worden gehouden met de context van de bepalingen met het doel van de betrokken regeling.
Volgens de rechtspraak van het Hof (zaken 316/85, Lebon (punt 22), en C-1/05, Jia (punten 36-37)) vloeit de hoedanigheid van‘ten laste komend’ familielid voort uit een feitelijke situatie, die wordt gekenmerkt door de omstandigheid dat het familielid materieel wordt gesteund door de EU-onderdaan of door diens echtgenoot/partner. De hoedanigheid van ten laste komend familielid veronderstelt niet een recht op levensonderhoud. 
De rechtbank is van oordeel dat uit voornoemde jurisprudentie van het Hof volgt dat de dochter van eiseres ten laste komt van eiseres. De rechtbank concludeert dat aan de dochter van eiseres het effectieve genot zal worden ontzegd van de belangrijkste aan haar status van burger van de Unie ontleende rechten, indien eiseres het recht wordt ontzegd in Nederland te verblijven. In beginsel zou eiseres op grond van artikel 20 van het VWEU rechten kunnen ontlenen aan het feit dat zij moeder is van een burger van de Unie.
Nu eiseres rechtenkan ontlenen aan communautaire bepalingen, dient de vraag in hoeverre deze rechten kunnen worden beperkt eveneens te worden beoordeeld volgens het recht van de EU. Door inzake de beperkingen van het verblijfsrecht van eiseres vanwege de openbare orde enkel uit te gaan van de uitgangspunten in het nationale recht, heeft verweerder blijk gegeven van een onjuist toetsingskader.



Bron: http://jure.nl/bt2711
Beantwoord door:
Nic
profielpagina


Gerelateerde vragen aan Geeft erkennen v ongeboren vrucht NL nationaliteit:

Vruchtgebruik
      [Gesteld in Suriname]
2008-09-26 20:47:53
kan een vruchtgebruiker de eigenaar doen verhuizen
      [Gesteld in Suriname]
2009-02-04 17:39:24
Nationaliteit kind van marokkaanse vader
      [Gesteld in Familierecht]
2011-11-25 12:12:31
herverkrijgen Nederlandse nationaliteit
      [Gesteld in Overheid]
2012-06-01 02:29:43
Eigendom en vruchtgebruik
      [Gesteld in Suriname]
2013-08-27 11:13:34

Gemiddelde score Europees recht: 7.2 (62x gestemd)

Wat voor cijfer geeft u dit antwoord?

 
10

 
Versturen via e-mail aan vrienden?
 
Uw Naam:
Uw Email:
Naam bekende:
Email bekende:
+ meer vrienden invoeren
 
Message:
Check:
 



Disclaimer | Sitemap | Archief | Links | 100 laatste vragen | Populair archief

Top 3 adviseurs

Uw banner hier?

Concept & Realisatie Webshop+