Opslaan in favorieten
Uitgebreid zoeken
Nederlandse versie: Gratis Adivseurs Usa version: Advisors 4 Free Version franšaise: Conseils Gratuits Versione italiana: consigligratuiti.it Belgische versie: gratisadviseurs.be Versiˇn espa˝ola : Consejeros Gratis Deutsche Version: Gratis Beraten
U bevindt zich hier:Home » Zakelijk & Financieel » Bouw » Bouwregelgeving
Adverteren op deze site?

Direct vraag stellen?

Stel online je vraag in de rubriek Bouwregelgeving en krijg online een antwoord van de specialist in Bouwregelgeving

Zelf een vraag over Bouwregelgeving? Klik hier.
Meer vragen over Bouwregelgeving.
De huidige beheerder van de rubriek Bouwregelgeving:
Naam: Paul Pesch
Bedrijf: Pesch overheidsadvies
Reactiesnelheid: 7 uur
Waardering: 8.3 (van max. 10)
Meer informatie over Paul Pesch vind je op de profielpagina.

Beheerder worden?

RSS over BouwregelgevingVragen over Bouwregelgeving via RSS. Klik hier.
RSS over Bouwregelgeving op jouw website?Vragen over Bouwregelgeving op jouw website? Klik hier.
Blijf op de hoogte via e-mail over BouwregelgevingVragen over Bouwregelgeving via E-mail. Klik hier.

Weet u iets over planschade? wanneer krijg je dat?

[Gesteld op: 13-07-2010]

Toelichting:
De gemeente gaat een sporthal tegenover ons bouwen bestemmingsplan is al klaar.
Antwoord:
Volgens de Wro kennen burgemeester en wethouders degene die in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade lijdt of zal lijden als gevolg van een planologische verandering, zoals genoemd in de wet, op aanvraag een tegemoetkoming toe, voor zover de schade redelijkerwijs niet voor rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet voldoende op een andere wijze is verzekerd. Vooral voor woningen met zicht op een bouwplan dient de vraag te worden beantwoord of sprake kan zijn van een zodanige verslechtering van het woongenot van de belanghebbenden, dat objectief gesproken kan worden van waardevermindering van het onroerend goed. Het gaat niet om de belevingswaarde, maar om het planologische verschil tussen de mogelijkheden in het oude en nieuwe bestemmingsplan. De relevante planologische veranderingen zijn voornamelijk te vinden in de jurisprudentie en de relevantie en weging hangt af van de omstandigheden van elk geval apart. Overigens, als het saldo van planologische veranderingen negatief is wil dat nog niet zeggen dat een claim met succes kan worden ingediend.  De wet stelt namelijk dat het planschadeverzoek wordt gedaan binnen vijf jaren na het onherroepelijk worden van een planologische maatregel bij de gemeente moet zijn ingediend. Na deze periode is verhaal van planschade niet meer mogelijk, er is sprake van "rechtsverwerking".  De indiener van een claim moet zijn verzoek dus doen binnen vijf jaar na het onherroepelijk worden van de planologische wijzigingen en kan dat alleen maar doen als hij of zij zelfs in de stoutste dromen deze planologische verandering niet had kunnen verwachten bij de aankoop van het onroerend goed (voorzienbaarheidseis).  Het indienen van een verzoek om planschade kan pas zinvol worden gedaan nadat de planologische verandering onherroepelijk is geworden. Na het raadsbesluit over het bestemmingsplan en na de afloop van de beroepstermijn van 6 weken, treedt het bestemmingsplan in werking, ongeacht een eventueel ingesteld beroep. Dus ook als beroep is ingesteld wordt het bestemmingsplan van kracht zes weken na het raadsbesluit.  Om te voorkomen dat het bestemmingsplan in werking treedt, moet een belanghebbende naast het instellen van beroep, ook een verzoek tot voorlopige voorziening indienen bij de voorzitter van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Wanneer de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zo’n verzoek om voorlopige voorziening afwijst, treedt het plan alsnog in werking.  Wordt het verzoek toegekend, dan treedt het bestemmingsplan dus nog niet in werking. Het plan is dan geschorst totdat de Afdeling op het beroep heeft beslist.  Een bestemmingsplan is onherroepelijk wanneer er: - geen beroep is ingediend bij de Raad van State, - na afloop van de beroepstermijn;- wel beroep is ingediend en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State uitspraak heeft gedaan over het beroep.  Zienswijzen zijn niet aan te merken als een planschadeverzoek, omdat deze verzoeken niet ontvankelijk zijn, omdat zij te vroeg worden ingediend, namelijk voordat de planologische wijziging definitief is.Uiteraard is de procedure voor de behandeling van planschadeverzoeken zoals genoemd in het Besluit ro, pas van toepassing nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is geworden. Het planschadeverzoek dient gemotiveerd te zijn. Ook de indiener moet onderbouwen waarom er sprake zou zijn van waardevermindering en hoeveel dat dan zou zijn.   Taxaties van eventuele waardeverminderingen zijn niet zinvol zolang het saldo van planologische veranderingen niet bekend is en zolang geen concrete en rechtsgeldige claim is ingediend.  Pas nadat het saldo van planologische veranderingen is vastgesteld kan op basis van jurisprudentie iets worden gezegd over het financiële risico.  Om vooraf het daadwerkelijke risico van een planschadeclaim in te kunnen schatten in een bepaald geval is kennisneming van de jurisprudentie nodig. Omdat elk geval anders is zal vooraf een keuze moeten worden gemaakt in de variabelen die mogelijk van belang zijn.Daarbij gaat het eerst om het antwoord op de vraag of er wel sprake is van zodanige planologische veranderingen dat het saldo van die veranderingen een verslechtering, en dus schade opleveren. Bij de beoordeling van de verschillende planologische regimes dient in beginsel te worden uitgegaan van de maximale bebouwing- en gebruiksmogelijkheden die de regimes bieden. Dus de feitelijke bestaande situatie is niet van belang. Het gaat om wat maximaal toelaatbaar was. Evenmin is de feitelijke nieuwe situatie van belang, het gaat om wat maximaal toelaatbaar wordt.  Met betrekking tot vermogensschade is een heel assortiment aan schadefactoren ontwikkeld. In deze casus zouden van belang kunnen zijn:- bebouwingsafstand tot voorgevel?- verkeershinder;- wegnemen van licht en lucht;- geluidshinder - beperking of vervallen van waardebepalend vrij uitzicht; - aantasting bezonning: schaduw; - aantasting privacy; - toename hinder; - beperking bereikbaarheid; - toename parkeerdruk; En dergelijke.  In welke situaties de schade voor betrokkene dient te blijven is in de jurisprudentie beantwoord. Het al dan niet voorzienbaar zijn van de ontwikkelingen is voor het recht op schadevergoeding sterk bepalend.  De reden om de schade niet (geheel) te vergoeden is de constatering dat de benadeelde de schadeveroorzakende ontwikkeling redelijkerwijze kon voorzien. De voorzienbaarheid en de daarmee voortvloeiende risicoaanvaarding moeten blijken uit het aanwezig zijn van plannen. Er moet sprake zijn van documenten die de burger redelijkerwijze zou kunnen kennen en waaruit de voorgenomen planologische wijziging met een redelijke mate van zekerheid kan worden afgeleid.   Ingevolge artikel 28, tweede lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, gelezen in samenhang met artikel 10:27 van de Algemene wet bestuursrecht, rust op het college de taak om - in voorkomend geval mede op basis van de ingebrachte bedenkingen - te onderzoeken of het plan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.  Daarbij dient het rekening te houden met de aan de raad toekomende vrijheid om bestemmingen aan te wijzen en voorschriften te geven die de raad uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening nodig acht. Daarnaast heeft het college er op toe te zien dat het plan en de totstandkoming daarvan niet in strijd zijn met het recht.

Het College van de gemeente Bodegraven heeft besloten over te gaan tot een verdiepte aanleg, waardoor de bouwhoogte 6 meter is en de afstand tot de woningen 25meter. Verder heeft het College een milieuonderzoek uitgevoerd naar de geluidsbelasting.Niet de feitelijke situatie, maar de feitelijke mogelijkheden onder het oude en nieuwe bestemmingsplan moeten worden vergeleken. Niet iedere verandering van een mogelijkheid is een verslechtering en niet iedere verslechtering levert een mogelijke planschadevergoeding op.  De feitelijk mogelijke verbeteringen en verslechteringen worden gesaldeerd. Tegen een minder uitzicht kan bijvoorbeeld een bredere weg worden gesteld. 

Uit jurisprudentie blijkt dat alleen direct en recht uitzicht op een bouwwerk voor planschade meetelt. Een nieuw gebouw in het zijuitzicht is in principe niet relevant voor planschade.

Beantwoord door:
Gratis Adviseurs
www.gratisadviseurs.nl


Gerelateerde vragen aan Weet u iets over planschade? wanneer krijg je dat?:

niet langer zonlicht op het terras v/d buren
      [Gesteld in Ruimtelijke ordening]
2007-10-31 14:10:44
Kans op planschade tegen bouwplan voor garage?
      [Gesteld in Bouwregelgeving]
2011-01-09 19:32:44
tekeningen procedure wijziging bestemmingsplan
      [Gesteld in Ruimtelijke ordening]
2011-03-15 09:40:54
Kan planschade terug gevorderd worden?
      [Gesteld in Publiekszaken gemeenten]
2011-06-11 14:14:27
heeft het nut om planschade te vragen?
      [Gesteld in Bouwregelgeving]
2013-01-09 14:52:26

Gemiddelde score Bouwregelgeving: 8.3 (7x gestemd)

Wat voor cijfer geeft u dit antwoord?

 
10

 
Versturen via e-mail aan vrienden?
 
Uw Naam:
Uw Email:
Naam bekende:
Email bekende:
+ meer vrienden invoeren
 
Message:
Check:
 



Disclaimer | Sitemap | Archief | Links | 100 laatste vragen | Populair archief

Top 3 adviseurs

Uw banner hier?

Concept & Realisatie Webshop+